Foutmelding

The answer you entered for the CAPTCHA was not correct.

Veiligheid heeft mentaliteitsprobleem

Veiligheid heeft mentaliteitsprobleem

Met bijna twintig doden per jaar staat veiligheid hoog op de aandachtsladders bij betrokkenen in de bouw. Probleem is echter dat het vaak blijft bij papieren aandacht. De doortik naar de dagelijkse praktijk laat nog te wensen over.

Na een periode van daling waren er vorig jaar, net als het jaar ervoor, opnieuw twintig doden in de bouw te betreuren. Maxime Verhagen, voorzitter van Bouwend Nederland, liet via het eigen communicatiekanaal duidelijk onderstrepen geraakt te zijn door deze cijfers en het leed dat ze vertegenwoordigen. “Natuurlijk is de bedrijvigheid in onze branche in het afgelopen jaar aanzienlijk toegenomen, en brengt dit meer risico’s met zich mee. Maar laat ik duidelijk zijn: elk dodelijk ongeval is er één te veel”, aldus Verhagen.

Toegenomen bedrijvigheid
Hij raakt ook een punt aan waar in de context van veilig werken op de bouw veel om te doen is. Namelijk: toegenomen bedrijvigheid. Daarin ligt waarschijnlijk de oorzaak dat steeds meer bouwvakkers betrokken raken bij ernstige arbeidsongevallen. Wat daarbij vooral opvalt, is dat ongelukken tijdens het werk vooral voorkomen bij kleine bedrijven met minder dan tien werknemers. Per honderdduizend werknemers van kleine bedrijven zijn 67 mensen betrokken bij een ongeval. Bij middelgrote en grote bedrijven zijn dat respectievelijk 46 en 11 personen. Jongeren tussen 15 en 24 jaar en ouderen zijn ook vaker betrokken bij arbeidsongevallen. Het vallen van hoogte, ‘gegrepen’ worden door bewegende delen van een machine, geraakt worden door vallende objecten en aanrijdingen zijn de meest voorkomende ongelukken.

Strengere regels
Wat je vanuit pessimistisch perspectief kunt benadrukken, is dat het eigenlijk de verkeerde kant opgaat met werken in de bouw. Wat betreft de arbeidsveiligheid betreft althans. Toch gelooft de Inspectiedienst van Sociale Zaken en Werkgelegenheid niet in nog strengere regels of hogere boetes. Een veiligere bouw begint volgens SZW vooral bij bouwvakkers zelf.
“Na een eeuw waarin verbetering vooral werd gezocht in het veiliger maken van machines en het borgen van arbeidsveiligheid in arbozorgsystemen, is het nu tijd om ook gedrag en cultuur op de werkvloer aan te pakken”, schreef Inspecteur-Generaal van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) Marc Kuipers in 2018 in het voorwoord van de ‘Staat van arbeidsveiligheid’.
Zijn collega, woordvoerder Paul van der Burg, voert desgevraagd aan dat tal van instanties en organisaties hun tanden stukbijten op die cultuuromslag.

Mentaliteitsprobleem
Veiligheid heeft volgens hem een levensgroot mentaliteitsprobleem. “Er wordt door heel bouwend Nederland hard gewerkt om tot die cultuurverandering te komen, maar toch blijkt dat probleem buitengewoon weerbarstig. ‘Het moest even snel’, ‘ik dacht er niet aan’, zijn van die typische reacties bij het verzuim om gebruik te maken van persoonlijke beschermingsmiddelen, terwijl gehoor- of gezichtbescherming veel leed kunnen besparen”, aldus Van der Burg, die niet alleen wijst op directe consequenties, maar ook op lange-termijn-aandoeningen als gevolg van fijnstof. “Als je van de ladder valt en je komt met een gebroken been in het gips, dan is dat uiteraard bijzonder pijnlijk en treurig. Maar als je op termijn geveld raakt door kanker als gevolg van het inademen van kwartsstof, dan ben je in feite nog verder van huis.”

Boetes
De bouwsector is vergeven van de zzp’ers. Dat zijn er meer dan honderdduizend en het ziet er niet naar uit dat het plafond daarmee is bereikt. In relatie met veilig werken in de bouw vallen daar een paar aandachtspunten aan vast te knopen. Hoewel zzp’ers niet in dienst zijn van een bedrijf, geldt toch ook voor hen een aantal arboregels die hun eigen veiligheid en die van derden moeten waarborgen. Daarbij is verder van belang in welke omstandigheden ze werken. Van der Burg: “Als ze op een bouwplaats werken en ‘onder gezag’ handelingen uitvoeren in opdracht van een aannemer, dan beoordelen we ze als werknemer. Dan is alle Arboregelgeving van toepassing. Sinds 2007 gelden echter dezelfde regels voor alle werkzaamheden met levensbedreigende risico’s, welke gezagsverhouding er ook is. Dat betekent dus ook dat we zzp’ers kunnen aanspreken op overtreding van regels en boetes kunnen opleggen”, aldus de woordvoerder.

Ingewikkelde boetes
Wat betreft de hoogte van de boete: wie het naadje van de kous wil weten, zal zich stevig moeten inlezen. De hoogte van de boete is van diverse factoren afhankelijk, maar wat je in zijn algemeenheid kunt zeggen, is dat de overtredingen zijn ingedeeld in zeven categorieën, waarbij de normbedragen variëren van €340 tot en met €13.500. Deze normbedragen zijn uitgangspunt voor de berekening van de boete voor werkgevers met 500 of meer werknemers. Voor werkgevers met minder werknemers worden de normbedragen gecorrigeerd. Er zijn zes categorieën bedrijfsgroottes die een correctiepercentage kennen die variëren van 10% tot en met 80% van het normbedrag.

Doordrongen
Wie we ook even aan het woord willen laten, is Charles Verhoef, voorzitter van belangenvereniging Zelfstandigen Bouw. Wat hij signaleert in deze discussie is dat er vooral eendimensionaal naar de bouwvakker als oorzaak wordt gekeken. De zzp’er in de bouw is volgens Verhoef wel degelijk tot in zijn teennagels doordrongen van het veiligheidsaspect, terwijl je ook aannemers kunt verwijten dat ze regels niet altijd naleven. Op het bureau van Zelfstandigenbouw komen regelmatig klachten binnen over de cultuur op bouwplaatsen.
Verhoef: “In de bouw moet alles snel, snel, snel, met alle gevolgen van dien. Er worden weliswaar ook door grote bouwbedrijven initiatieven genomen om de veiligheid te verbeteren, maar toch worden er nog dagelijks missers geconstateerd. En dan heb je het bijvoorbeeld over niet afgedekte trapgaten of hijsinstallaties die worden bediend door niet gekwalificeerde medewerkers. Dat is vragen om problemen, terwijl er een cultuur heerst van ‘ach joh, loopt wel los’. Wat ik de aannemerij verwijt, is dat de bouwvakker als zondebok wordt aangewezen, terwijl het op bestuursniveau nog volop schort aan diepgaande oplossingen.”

Bouwmaterialenhandel
Wat aangaande dit onderwerp ook valt op te werpen: welke rol heeft de bouwmaterialenhandel daarbij te vervullen? Jaap Breunesse, adviseur juridische en arbeidszaken van Koninklijke Hibin, geeft daarbij desgevraagd aan dat daar op dit moment geen beleid van wordt gemaakt. Tegelijkertijd vindt hij het oppakken van die rol een sympathieke gedachte. “De bouwmaterialenhandel is een kruispunt waar aanbod en vraag bij elkaar komen. Dat servicepunt is een ideale locatie voor kennisoverdracht. Ook over veilig werken.”
Die gedachte wordt tevens gedeeld door Peter Hecker van het Secretariaat Vereniging van Steiger-, Hoogwerk- en Betonbekistingbedrijven. De Vereniging heeft volop voorlichtingsmateriaal beschikbaar. Leaflets en folders vinden weliswaar hun weg naar de markt, maar distributie via de bouwmaterialenhandel zou een welkome aanvulling zijn. Veiligheid bij het werken op hoogte staat momenteel volop in de aandacht, vooral door de komst van de Richtlijn voor stationaire steigers en de nieuwe opbouwmethoden voor rolsteigers, waarmee het veiligheidsbewustzijn nog meer inhoud heeft gekregen. Hecker: “Zonder al te diep in te gaan op de veranderende regelgeving, is het voor professionals zeker raadzaam om zich over het onderwerp in te lezen. De bouwmaterialenhandel kan zich prima ontwikkelen als kanaal om die informatie-overdracht te stimuleren.” 

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief